Universo de Memórias – het meest eclectische museum dat ik ken

Een van de eerste dingen op mijn to-do lijst in Funchal is het museum bezoeken met de allermooiste naam. Op zo’n 6 minuten lopen van mijn huis. Maar dan wel omhoog lopen he. Zó steil dat je kromgebogen en hijgend aan komt strompelen bij de kassa. Van bijkomen kwam het er niet van, want de Guided Tour was nét begonnen en de receptionist vond dat ik daar wel aan kon sluiten want anders moest ik een uur wachten. Ik wilde best zo lang wachten -want nog niet ontbeten- in het koddige aangrenzende theehuis met de allesbehalve Portugese bordeelnaam: ‘Petit Plaisir.’ Toch klopt het weer wel. Het ligt wat mysterieus verborgen in een oase van roze: de bougainville, de rozenthee, de kopjes en zelfs het haar van de bediendame die alleen maar plat Brits spreekt.. Alleen de goudvissen in de fontein zijn oranje. Ter plekke kreeg ik zin in zo’n foute, met luizenbloed bedekte roze glazuurkoek, die ik in Nederland nooit eet trouwens. Enfin.

Niks ervan, de ijverige receptionist kwam achter zijn raampje vandaan om me op te halen en terwijl ik aansloot bij een groepje grijze Britten, pakte hij zacht mijn rugtas (want mag niet mee) en het tientje dat ik nog steeds in mijn hand had en weg was hij met mijn hele leven: paspoort, portemonnee, laptop en telefoon. Zou hij ermee vandoor gaan, dan was het best wel een puntje geweest. Aan de andere kant zit je op een eiland, dus waar moet hij heen?

Dit schoot allemaal door mijn hoofd, voor een paar seconden. Toen liet ik het maar los. Confianza. Na een paar minuten voelde ik een zachte klop op mijn schouder en bracht de goudeerlijke lieverd het wisselgeld. Shame on you girl.

Ik keek eens om me heen. We stonden in een pronkkamer vol servies. Ik zag wel honderd zilveren thee- en koffiepotten, de een nog kitscheriger dan de ander. Daartussenin Boeddha’s, zilveren bestek en eenden. Heel. Veel. Eenden. Alle vormen, maten en materialen. En zeshonderd verschillende paarden. Echt. Van piepklein tot levensgroot. Ik mocht er niet eens op van de gids.

Het beginstuk had ik dus gemist, maar na wat onderzoek kwam ik erachter dat dit de collectie is van een beroemde Portugees: João Carlos Abreu, ooit minister van cultuur. Hij schonk de schatten die hij had verzameld in zijn leven als schrijver en poëet, maar vooral als reiziger naar de meest verre oorden.

Eén kamer was van top tot teen inclusief plafond behangen met zijn stropdassen: man, man, man. Van oranje Donald Ducks tot speelgoeddolfijnen. In kunstzinnige vormen aangebracht met ook nog spiegels overal. Als je al niet in de war was geraakt door de totaal niet thuis te brengen collectie, dan moet je hier een paar minuten gaan staan. Geen pilletje nodig.

De mengeling ging maar door, kamer voor kamer (als je autist bent: niet gaan!). In de gangen honderden schilderijen, van de oudste tafereeltjes tot de modernste Dahli-achtige stukken. Ik werd er een beetje zeeziek van. Jammer dat het alleen maar tours met een gids zijn want ik heb de helft niet kunnen zien door de snelheid. De groep Britten wilde geloof ik zo snel mogelijk weg om te roken, eten en vooral drinken denk ik. Zo te ruiken aan de alcoholwalm waren ze daar al eerder en rijkelijk mee begonnen. Het was ochtend he.

Beduusd nam ik plaats in de tuin van het schattige theehuis. In de zon kwam ik weer een beetje bij en kon ik eigenlijk niet meer stoppen met lachen. De thee smaakte goddelijk. De scone met roze jam en slagroom als een engeltje.

Ach voor 3,50 euro moet je dit meegemaakt hebben, echt. Memórias para a vida.
Ik mocht dus geen foto’s maken van de binnenkant, een paar zie je op hun website  https://bit.ly/2SBtdRA

Het logo van de Universiteit der Herinneringen is ontworpen door de beeldhouwer Veloza.
De nucleus (celkern) staat voor dynamiek en een kracht die de geometrische cirkel opblaast, waardoor deze uitzet.
De rode vogel komt uit de cirkel vliegen en symboliseert niet alleen dynamiek, maar ook vrijheid, fantasie en zijn hele leven die in het teken staat van reizen.